Heb je een vraag?
Amersfoort:
033 - 422 0800Ede:
0318 - 69 78 55Hilversum:
035 - 621 0299Naarden:
035 - 694 23 24Veenendaal:
0318 - 52 67 67{ if (window.dataLayer) { window.dataLayer.push({ event: 'click_whatsapp', click_object: 'whatsapp', page_part: 'pop up' }) } }" > Stuur een WhatsApp Alle contactgegevens
Rijden in dichte mist, hevige sneeuwval of een plotselinge wolkbreuk is voor veel automobilisten een spannende ervaring. Goede verlichting is op zulke momenten belangrijk voor jouw veiligheid en die van medeweggebruikers. Maar wanneer gebruik je nu precies de mistlampen aan de voorkant en wanneer mag het mistachterlicht aan?
De regels voor de voor- en achterzijde worden nog wel eens door elkaar gehaald. Toch is er een belangrijk verschil in functie én in wetgeving:
Mistlampen voorzijde: deze bevinden zich laag in de voorbumper. Omdat mist vaak net boven het wegdek "zweeft", schijnen deze lampen onder de mistlaag door. Bovendien hebben ze een brede lichtbundel die de wegmarkering en bermen extra verlicht.
Mistachterlicht: dit felle, rode licht (meestal 1 of 2 lampen) heeft als enig doel om jouw auto van grote afstand zichtbaar te maken voor achteropkomend verkeer. Het licht is echter zó fel dat het achterliggers snel kan verblinden.
Volgens Artikel 34 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990) mag je de mistlampen aan de voorzijde alleen voeren wanneer het zicht ernstig wordt belemmerd.
Dit geldt bij de volgende drie weersomstandigheden:
Bij dichte mist. Hierbij geldt een richtlijn van zicht minder dan 200 meter.
Bij zware sneeuwval, wanneer het zicht ernstig wordt belemmerd door hevige sneeuwval.
Bij een extreem zware stortbui waarbij normaal dimlicht niet meer volstaat.
Als je de mistlampen aan de voorkant inschakelt, mag je het normale dimlicht uitschakelen en vervangen door stadslichten (gecombineerd met de mistlampen). Dit voorkomt dat je eigen dimlicht tegen een "witte muur" van mist reflecteert en jezelf verblindt.
De regels voor het mistachterlicht zijn véél strenger dan voor de voorzijde. Het mistachterlicht mag uitsluitend worden ingeschakeld bij:
Zeer dichte mist waarbij het zicht minder is dan 50 meter.
Zware sneeuwval waarbij het zicht minder is dan 50 meter.
LET OP: VERBODEN BIJ REGEN!
Het mistachterlicht mag niet gebruikt worden bij zware regenval! De krachtige rode lichtstraal reflecteert in de opspattende waterdruppels op de voorruit van de bestuurder achter je en veroorzaakt extreme verblinding.
Situatie & zichtafstand | Dimlicht | Mistlamp voor | Mistachterlicht |
Normaal zicht (>1.000 m) | Aan/auto | Niet toegestaan | Niet toegestaan |
Lichte mist/regen (200 - 1.000m) | verplicht | Niet toegestaan | Niet toegestaan |
Dichte mist/zware regen (< 200m) | Aan | Toegestaan | Niet toegestaan |
Zeer dichte mist/sneeuw (<50m) | Aan | Toegestaan | Toegestaan/geadviseerd |
Zware regenval (< 50m) | Aan | Toegestaan | Niet toegestaan |
Rijd je met mistlampen aan terwijl de weersomstandigheden dat niet rechtvaardigen? Of voer je het mistachterlicht bij regen of bij een zicht van meer dan 50 meter? Dan riskeer je een boete.
De boete voor het onterecht voeren van mistverlichting bedraagt momenteel € 180,- (exclusief administratiekosten van het CJIB). Politie en handhaving controleren hier in het najaar en de winter vaak streng op.
Vrijwel alle moderne auto's (zoals de nieuwste elektrische en hybride Toyota-modellen) zijn uitgerust met een automatische lichtsensor. De 'AUTO'-stand schakelt overdag bij dichte mist echter vaak alleen dagrijverlichting (DRL) aan de voorkant in.
Bij veel auto's branden de achterlichten helemaal niet bij dagrijverlichting! In mist ben je voor achteropkomend verkeer daardoor nagenoeg onzichtbaar. Bovendien schakelt de 'AUTO'-stand de mistlampen nóóit automatisch in. Wij adviseren dan ook om bij mist of slecht zicht de verlichting altijd handmatig over te zetten op dimlicht of zet handmatig de mistlampen aan. Zo weet je zeker dat zowel de voor- als achterzijde optimaal verlicht zijn.
Het valt in de praktijk niet mee om in te schatten of het zicht 200 meter of 50 meter is. Gebruik deze handige vuistregels langs de Nederlandse wegen:
Lantaarnpalen: op de snelweg en provinciale wegen staan lantaarnpalen ongeveer 50 tot 100 meter uit elkaar. Zie je slechts één lantaarnpaal vooruit? Dan is het zicht minder dan 50 meter!
Hectometerpaaltjes: deze groene paaltjes langs de snelweg staan exact 100 meter van elkaar verwijderd. Zie je de volgende hectometerpaal niet staan? Dan is het zicht minder dan 100 meter.
Laat de verlichting en accu van jouw auto tijdig controleren bij Autobedrijf Van Gent. Plan eenvoudig online een werkplaatsafspraak of bekijk onze nieuwste Toyota-modellen met geavanceerde veiligheidssystemen.